Press clippings
Trouw, January 10, 1990
Article describing the entering of the world programming championship
by a team containing Jelte, Niels, Jurjen and Hans; includes a BIG picture.
Marcel, the fifth member of the team was never a DJOE member but went to the same school as Luc.
Freaks der abstracte creatie
Computerteam naar het wereldkampioenschap in Washington
(door Michel Verschoor)
EINDHOVEN - Jelte, Niels, [Jurjen], Hans en Marcel zitten broederlijk
rondom de wat rommelige tafel in hun computerbastion in Eindhoven.
Op de achtergrond klinkt de zuivere synthesizermuziek van Jean Michelle Jarre,
vaak overstemd door hooggestemde computerdeuntjes.
Jelte vertoonde tijdens zijn tienerjaren niet het gedrag van de
'gemiddelde' scholier. "Ik was een outcast", zegt hij. Voor hem
bestond slechts de computer. Al zijn vrije tijd besteedde hij aan
programmeren en in elkaar knutselen van apparatuur.
"Ik had weinig vrienden omdat ik altijd op een laboratorium zat
waar ik spelenderwijs mijn kennis vermeerderde."
Jelte is een van de vijf studenten en afgestudeerden
aan de Technische Universiteit Eindhoven die in februari een reis
naar Washington maken om daar deel te nemen aan het
wereldkampioenschap programmeren.
Het team won begin december aar de Europese finale en
plaatste zich zo voor het grote werk in de Verenigde Staten.
Een team uit Leiden, dat op de tweede plaats eindigde,
zal ook de oversteek maken.
In hun onderkomen staat een antieke mechanische kast van
één bij twee meter. "Dat is een Digital PDP 11/23 uit 1978",
zegt Marcel trots. "Die heb ik ooit gekocht voor 75 gulden
bij een bedrijf waar ik tijdelijk werkte. Hij doet het nog,
soms klooien we er wat mee."
De snelle vooruitgang is duidelijk waarneembaar; in de andere
hoek staan geavanceerde personal computers, printers en andere
randapparatuur staan opgesteld.
De vriendschap van de vijf 'freaks', zoals ze zichzelf zonder
schroom noemen, begon aan het begin van de jaren tachtig.
Ze ontmoetten elkaar acht jaar geleden in het jeugdlaboratorium
van de Jonge Onderzoekers in Eindhoven. Een destijds door
Philips gefinancierde 'broedplaats' waar jongeren vrijwillig
deelnemen aan programmeerprojecten.
Het bedrijf wilde met dergelijke projecten het gebruik van
techniek stimuleren. Indirect hebben ze daar volgens Hans
profijt van. "Wij zijn natuurlijk potentiële werknemers."
De Eindhovenaren behoren tot de eerste computergeneratie.
"Ik ben ermee opgegroeid," zegt Marcel.
"Mijn vader was een van de eersten die een pc in huis haalden.
Ik raakte al vrij snel in de ban van die machine."
"Zo snel mogelijk het spel analyseren geeft een geweldige
kick", zegt Jelte. "Slimmer dan de programmeur, de door
hem ingebouwde moeilijkheidsgraad voorbij streven,
dat is fantastisch."
De wereldkampioenschappen programmeren worden jaarlijks
georganiseerd door de Association for Computer Machinery,
die voor elk team (een deel van) de reis naar de VS betaalt.
De Technische universiteit vult dit aan. Verblijfskosten worden
uit eigen zak betaald.
Twee teams
De organisator heeft de wereld verdeeld in twaalf regio's die elk hun
twee beste teams naar de selectie-wedstrijden sturen. Het toernooi voor
Europa is in december aan de Tilburgse universiteit gehouden.
Vijfentwintig teams uit West- en Oost-Europa moesten in zes uur
negen opdrachten uitvoeren. Eindhoven bleek de beste. Zij wisten
als eerste alle opgaven correct te beantwoordden.
Tom Verhoef, die namens de universiteit de wedstrijden en het team
coördineert, vertelt dat het succes hem niet verwondert.
"De jongens kennen elkaar al jaren en ze kunnen goed samenwerken.
Meningsverschillen zijn er nauwelijks. Daar is ook geen tijd voor.
Alle suggesties om een vraagstuk op te lossen worden serieus genomen.
Zo bundel je de kracht en de op hoog niveau staande kennis van de
jongens."
Het team bereidt zich nu voor op het kampioenschap in de Verenigde
Staten. [Jurjen]: "Eerst moet je het probleem begrijpen, daarna de
oplossing zien, je moet weten wat een computer kan en tenslotte
de oplossing omzetten in computertaal. Ik houd vooral van de wiskundige
schoonheid en de abstracte creativiteit van zo'n proces."
Aan de eindronde mogen vier personen deelnemen. Een van de teamgenoten
wordt dan ook uitgeloot. "Natuurlijk is dat triest, maar we kunnen
gelukkig in alle samenstellingen werken. De kwaliteit zal niet
minder zijn", aldus Tom.
Zelfvertrouwen
Het zelfvertrouwen is groot. De kans dat ze voor een ereplaats in
aanmerking komen is er. Die nominatie valt hen hoogstwaarschijnlijk
ook ten deel in het bedrijfsleven. Marcel heeft bijvoorbeeld al drie
keer gesolliciteerd, is daarbij aangenomen en heeft vervolgens zelf
besloten nog even af te zien van een vaste baan.
"Geld vind ik niet zo belangrijk. Een plek waar ik het naar m'n
zin heb is voor mij veel zinvoller." Jelte, [Jurjen], Niels,
Marcel en Hans geven volmondig toe dat ze zichzelf een stukje
macht op de arbeidsmarkt hebben toegeëigend.
Hobby en werk zijn samengevloeid tot één geheel en dit zal
voorlopig niet veranderen. De uitdaging die het oplossen van
een probleem vraagt blijft aanwezig.
Jelte: "Er zijn mensen die verslaafd zijn aan bergbeklimmen.
Als ze de top bereiken ervaren ze een extase. Als ze de Mount Everest
beklimmen is er voor hen geen uitdaging meer, terwijl programmeurs
telkens weer op nieuwe en moeilijker problemen stuiten."
Bijschrift foto
Het winnende team, van links naar rechts: Niels, Hans, Jelte,
Marcel en Tom, leerde elkaar kennen bij de Jonge Onderzoekers
(foto H. Schröter)