ELAN 860409 (c) 1986 by ORD-GROUP 56 ELAN Inleiding Wij zijn bezig om ons eigen Local Area Network op te zetten. Dit netwerk, ELAN gedoopt, zal dienen om onze computers met elkaar te laten communiceren en om randapparatuur te kunnen delen. Technische specificaties De communicatie gebeurt over een enkele coax-kabel. De gebruikte code is FM met een clockfrequentie van 1 Mhz. Dit geeft een baudrate van 500 Kbaud. Elk station bestaat uit een Z80, een Z80SIO, een EPROM, wat RAM en wat algemene logica. De communica- tie tussen de host en het station gebeurt door middel van cycle- stealing, d.w.z. de host kan in de RAM van het station lezen en schrijven zonder dat het station daardoor wordt gestoord. Algemeen De bedoeling is dat alle stations identiek worden. Station- afhankelijke dingen zoals het stationnummer moeten door de host worden aangereikt. Dit maakt het onderhoud eenvoudiger. Nadat we hadden besloten het netwerk ELAN te noemen kwamen we er achter dat er al een commercieel LAN bestaat dat ELAN heet. We hebben besloten om de naam ELAN toch te houden. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat de twee ELAN's op elkaar lijken en ze mogen dus niet met elkaar worden veward. Protocol Het protocol zal er naar alle waarschijnlijkheid ongeveer als volgt uitzien: De eenheid van communicatie is een message. Een message wordt door een station uitgezonden en is bedoeld voor alle stations of voor één station. Als de message voor een bepaald station was dan bevestigt deze de ontvangst door even de carrier actief te maken. Als een station controle over de kabel heeft kan deze een pakket naar een ander station sturen. Dit gaat dan in de trant van: - He, nummer X, ik heb een pakket van NN bytes voor je - Ga je gang - (data) De controle over de kabel wordt van station naar station door- gegeven. Dit staat bekend onder het zogenaamde token-passing principe. De stations vormen een ring. Ieder station geeft het token door aan het volgende station met een hoger nummer dan hijzelf. Het hoogste station geeft het token aan het laagste station. Iedereen weet op elk moment welke stationnummers aan- wezig zijn. Voordat het hoogste station het token omlaag doorgeeft dendt hij een zogenaamde station-map uit. Deze station-map bevat een bit voor elk mogelijk stationnummer en dat bit geeft aan of het desbetreffende station aanwezig is. Als alle stations het met deze station-map eens zijn doet niemand iets en het token-passing ELAN 860409 (c) 1986 by ORD-GROUP 57 gaat door. Als iemand het er niet mee eens is maakt die even zijn carrier actief. Dit is een signaal voor het hoogste station om alle stationnummers af te vragen of ze bestaan. Daarna zendt het hoogste station de nieuwe goede station-map uit. Volgens dit principe met nog wat verfijningen is het mogelijk om een systeem te maken waarbij stations willekeurig aan- of uitgezet mogen worden. Als het token verloren gaat wordt dit vanzelf gedetec- teerd. Station n mag pas na f(n) (f is een nog te definieren strikt stijgende functie) seconden ingrijpen en een token maken. Dit voorkomt botsingen en zorgt ervoor dat het netwerk zichzelf als het ware repareert.